Als vitaliteit wordt ervaren als moeten


Wat ons de laatste 2 jaar is opgevallen is dat vitaliteit integratie nog altijd wordt beschouwt als iets dat moet. Voor zowel leidinggevende als medewerker. En daarmee schiet het zijn doel totaal mis.

Laat ik een voorbeeld noemen.

Een klant van ons, een zorginstelling met 2500 FTE's, heeft een team van 20 personen die werkzaam zijn op de HR afdeling. Van dit team is 1,5 FTE verantwoordelijk voor vitaliteit. Onze contactpersoon loopt letterlijk haar benen uit haar lijf om draagvlak te creëren voor het belang van een gezonde werkomgeving. Ze zegt: Vitaliteit vinden wij belangrijk. Ik vraag me dan af: hoe belangrijk wordt het werkelijk gevonden als zo weinig man(vrouw)kracht wordt ingezet en een vitaliteit-visie, laat staan vitaliteit management ontbreekt? Het probleem is dat 1 persoon binnen deze organisatie het belangrijk vindt, maar dat belang niet breed wordt gedragen. Ik snap haar frustratie. Wij hebben dit deze afgelopen 2 jaar ook gevoeld. Je ziet de noodzaak maar hoe zorg je ervoor dat op MT niveau de urgentie voelbaar wordt?


Teveel lullen, te weinig poetsen.

Als ondernemer met 25+ jaar ervaring in de consumentenmarkt heb ik mij de laatste 2 jaar regelmatig doen verbazen over de stroperige processen van besluitvorming in de corporate wereld. Er wordt vooral veel gepraat over preventieve gezondheidsaanpak maar werkelijk daar tijd en energie is steken lijkt voor veel organisaties lastig. Ik denk dan; al die tijd dat we aan het lullen zijn geweest hadden we ook een concreet plan kunnen integreren. Ik heb mij veelvuldig afgevraagd waar dat mee te maken kan hebben. Ik weiger mij er bij neer te leggen dat mensen alleen worden gezien als productiemachine. Mijn overtuiging is nog altijd dat investeren in (vitaliteit van) mensen uiteindelijk leidt tot duurzaam rendement. Die overtuiging kan en wil ik niet overboord gooien.


De uitdagingen

Ik dacht op een gegeven moment: laat ik dat vele praten dan maar zinvol gebruiken. Als het integreren van vitaliteitsmanagement zo stroperig verloopt, waar ligt dat dan aan? Uit de vele gesprekken kwamen een paar zaken steeds naar voren:

  1. Hoe creëer je draagvlak? Er wordt vaak aangegeven dat medewerkers niet zitten te wachten op iets dat ze moeten. Daar zitten niet alleen medewerkers niet op te wachten. Maar ik ook niet. En ik denk jij ook niet. Draagvlak creëer je niet door weer wat op te leggen. Draagvlak creëer je door aan medewerkers te vragen welke behoefte er is. Soms is die behoefte voor de medewerker zelf ook onduidelijk. Want wat is vitaliteit nu eigenlijk? Als je het hebt over vitaliteit dan denken mensen snel aan gezonde voeding, verplicht sporten en werk-privé balans. Terwijl vitaliteit over veel meer dan dat gaat. Naar mijn idee gaat vitaliteit over nieuwsgierigheid en flexibiliteit om, ongeacht de context, zingeving te vergroten. Zingeving is per individu verschillend. Voor de een is dat een goede moeder zijn. Voor de ander is dat een leidinggevende functie. En voor weer een ander is dat 'simpelweg gelukkig zijn.' Om dit inzichtelijk te maken hebben wij een vragenlijst ontwikkeld. Met de antwoorden van die vragen kan je vervolgens een relevant vitaliteitsprogramma integreren. Wanneer er echt geluisterd wordt naar medewerkers vergroot dat altijd het draagvlak.

  2. Wat levert het op? Je zou denken dat juist een bedrijf kijkt naar de kosten en baten. CZ heeft in 2020 een mooi onderzoek gedaan naar deze kosten en baten van vitaliteit, met als resultaat een (S)ROI van 1:1,7. Eenvoudig toch? Zou je denken. Maar helaas wordt het lastiger wanneer het resultaat even op zich laat wachten. Eerlijkheidshalve moet ik ook kijken naar 'onze' branche. Helaas zijn er nog veel pannenkoeken die een programma aanbieden met een hoog goeroe gehalte en weinig resultaat. Ik sprak een klant die mij vertelde dat zij met een een stel advocaten 'mindful moesten ademen tegen een zwart zoom-scherm'... tja. Misschien een prima programma, maar niet relevant gemaakt voor de doelgroep. We weten dat resultaat van vitaliteit soms op zich laat wachten. Maar we kunnen het wel degelijk meetbaar maken. Door het abstracte concreet en/of visueel te maken. Een goed en degelijk vitaliteitsprogramma werkt naar mijn idee altijd met feedbackloops.

  3. Hoe moet je starten? Het is logisch dat organisaties door de bomen het bos niet meer zien. Er is zoveel uiteenlopend aanbod. Het vele aanbod werkt vaak verlammend. Maar starten met duurzame vitaliteit management is hetzelfde als starten met welk ander project dan ook. Start altijd met het eind in zicht. Dat betekend dat je niet moet starten met vragen wat of hoe (wat de meeste organisaties wel doen), maar start met waarom? Starten met het implementeren van vitaliteit heeft alleen zin wanneer je kristal helder hebt wat het zal opleveren. Denk aan een visie en missie. Denk aan het concretiseren van een praktische plan van aanpak. Bedenk daarbij dat dit verder gaat dan ’een fijne werkplek creëren‘. We hebben het verdorie over talenten van medewerkers! Waarom zou je die niet in kaart willen brengen om zo een ijzersterk team te vormen? Een team op basis van veiligheid en vertrouwen wilt werken. Organisaties die daar hulp bij nodig hebben, bieden wij een vitaliteit strategie sessie.

  4. Hoe zorg je voor duurzaamheid? Wij krijgen regelmatig verzoeken om een workshop of masterclass te organiseren. Dat is snel en gemakkelijk. Het is heerlijk om mensen te mogen enthousiasmeren, inspireren en kennis bij te brengen. Maar wat dan? Mijn overtuiging is dat juist een workshop en/of masterclass een mooie manier is om draagvlak te creëren om vervolgens door te pakken. Wij maken onze workshops/masterclasses zo interactief mogelijk, maar uiteindelijk gaat een veranderproces altijd om doen voor een langere periode. Het is net als autorijden. Een masterclass is het theorie-examen, maar echt leren rijden doe je in de praktijk. Er is nog nooit iemand geslaagd voor het rijexamen door les te krijgen in een geparkeerde auto. Een vitaliteitsprogramma duurzaam inzetten kan eenvoudig door prioritering en periodisering. Waarbij de begeleiding na verloop zal afnemen, maar feedbackloops blijven bestaan.

Klaar om te duwen in plaats van te trekken

Als expert in mijn vak heb ik mij de afgelopen 2 jaar, in de corporate wereld, gedragen als een vakidioot. Vanuit mijn overtuiging van het belang van een holistische en duurzame vitaliteit aanpak heb ik mij laten verleiden tot iets wat ik al 4 jaar geleden had afgezworen voor de consumentenmarkt: ik hoef niemand te overtuigen. Het was voor mij een vreemde gewaarwording om te ervaren dat een nieuwe wereld zoveel van mij vraagt. Politiek geneuzel, communicatie om te imponeren in plaats van te inspireren en de nog altijd heersende alfa-mentaliteit. Vitaliteit werd voor mijzelf als moeten. Dat heeft geleid tot een break-down afgelopen winter. Maar het mooie is dat dit mij ook heeft doen inzien dat mijn kern goed is. Mijn passie voor mijn vak nog altijd groeiende en dat de wereld recht heeft op echtheid.

Daarom ga ik weer doen waar ik echt goed in ben: mezelf zijn.

En iedereen die vanuit mens-waarde inziet dat People First leidt tot duurzaam rendement is welkom aan boord!

Mira Overkleeft - de Bruin

CEO Phileas Fit

39 weergaven0 opmerkingen